Tips voor structuur, argumentatie en brongebruik in je paper of seminariewerk.
Een academische paper is korter dan een scriptie (doorgaans 3.000 tot 12.000 woorden) maar stelt dezelfde eisen aan argumentatie en brongebruik. Het verschil zit vooral in de schaal: een paper behandelt een afgebakende vraag, terwijl een scriptie een volledig onderzoeksproces documenteert.
Seminariewerk, essays en korte onderzoeksopdrachten vallen ook onder deze noemer. De basisprincipes zijn dezelfde.
Geen duidelijke these. Een paper moet ergens naartoe. Wat is je claim? Wat verdedig je? Een paper zonder positie is een samenvatting.
Te veel beschrijven, te weinig analyseren. Het verschil tussen een middelmatige en een goede paper is het verschil tussen "Auteur X zegt Y" en "Auteur X zegt Y, wat problematisch is omdat Z." Analyse is het interpreteren en evalueren van bronnen, niet het herhalen ervan.
Bronnen als decoratie. Elke bron die je citeert moet een functie hebben in je argumentatie. Als je een referentie weghaalt en de alinea nog steeds klopt, had je die bron niet nodig.
Lees je paper achterstevoren, alinea per alinea. Vraag bij elke alinea: welk punt maakt dit, en hoe draagt het bij aan mijn antwoord? Als je het niet in een zin kunt zeggen, moet de alinea scherper.
Academisch schrijven is precies schrijven. Vermijd vage formuleringen ("men zou kunnen stellen dat..."), wees specifiek in je claims, en geef altijd aan waar je bewering vandaan komt. Tegelijk: overdrijf niet met voorbehouden. "Het zou eventueel mogelijk kunnen zijn dat..." is geen voorzichtigheid, het is onduidelijkheid.
Wil je feedback op je paper voor je indient?
Paper laten nakijken